maandag 3 april 2017

Genieten in Waddinxveen; 010417

Het moest er maar weer eens van komen. Na onze vorige uitspatting in de Sniep te Zoetermeer, zijn wij gevieren op zaterdag 1 april 2017 - geen grap -  neergestreken in restaurant Genieten, in de uitgaansgoot aan het water te Waddinxveen. Voorkomend als wij zijn, had K2 om half vier gereserveerd, zodat we met onze bescheiden aanwezigheid niet gelijk al het overige publiek de stuipen op het lijf zouden jagen. Er was inderdaad het eerste uur helemaal niemand, behalve het personeel. En zelfs dat was geen garantie voor rust in de tent. Bij opening met een glaasje bubbels zat de sfeer er al prima in: ik, ja waarom ik eigenlijk?, ik dus, kreeg een glas oude, amper mousserende wijn en dat kwam de kellnerin gelijk op een opmerking ("De wijn is oud..") te staan die zij misschien niet helemaal kon incasseren. Maar: oud is oud en prikwijn maak je volgens ons bij voorkeur aan tafel open. De eerlijkheid gebied mij overigens wel om te melden dat wij de kellnerin die ons hielp zitplaatsen te kiezen, hadden verzocht of we het ammeubelement een tikje mochten verplaatsen, en als wij iets doen dan doen we het grondig, maar het bleek achteraf eigenlijk nauwelijks nodig, we waren immers de enige gasten, affijn, u begrijpt dat wij misschien wat invasief over zijn gekomen..

De high wine van Genieten wordt aangeprezen als proeverijen van zowel voor- als hoofdgerechten die ook op de gangbare kaart staan. Leuk! Presentatie op grote houten schalen leek ons ook prima in orde, waarover wij ook nadrukkelijk de kellnerin gecomplimenteerd hebben, maar het kwaad was na de oude openingsdronk al geschied..er kon geel lachje meer vanaf. Terwijl wij toch best aardig en innemend zijn..

Alle gerechten die ons voorgezet werden, werden ingeleid met de clausule "Ik heb voor jullie meegenomen..." en dan volgde een korte beschrijving. Bij mij roept dat altijd de vraag op: meegenomen waarvandaan? Van thuis, uit de super, de vriezer desnoods...? Ik vind zo'n nadruk op de brenger van al dit geluk (Ikke heb voor jullie meegenomen) ook niet helemaal recht doen aan de kok die er ongetwijfeld zijn of haar best op heeft gedaan. Bescheidenheid siert de boodschapper in dit geval.
Dat deed allemaal niet af aan het goede dat we geserveerd kregen. De proeverij van voorgerechten bestond uit zalm met safraanmayo - slechts te herkennen aan de kleur -, carpaccio - ja, die kennen we nu wel -, en schuitjes met warme geitenkaas - die waren het lekkerst.
We waren toe aan een tweede wijn, een witte Steiniger, Mijn tafeldames waren unaniem positief, ik vond hem zelf wat vlak. Bovendien kreeg ik ook bij de volgende glazen steeds minder ingeschonken dan de rest..nou,ja, wel terecht want ik kan er toch niet tegen.

We hadden de witte wijn nog niet geheel op, waren ondertussen wel gierend onze meest persoonlijke ervaringen aan het bespreken, toen ons de rode wijn al werd aangeboden. Nee, toch nog maar even wachten, graag. Of was dit het signaal dat we een beetje op moesten schieten, voor het geval er nog meer klandizie mocht neerstrijken om van het mooie uitzicht op de vaart te genieten? En de hefbrug, niet te vergeten, een interessante en wellicht te swaffelen constructie als je je even alleen waant in het donker. Die klandizie kwam inderdaad, maar wij hebben totaal geen last gehad van deze rustige twee gasten.
Rood werd gepresenteerd als een blend van 54 wijnen, een Konkelberg uit 2014. Ons werd verzekerd dat blends echt niet altijd goed zijn, maar deze dus wel. Daar waren wij het mee eens. Hoewel die 54 wel een erg hoge samensmeltingsfactor impliceert, maar het zal ongetwijfeld kloppen.

Op de schaal van de proeverij van hoofdgerechten, trof ik het allerlekkerste van de hele avond aan: een krokant gebakken flinterdunne reep van een zekere witte wortel, bestrooid met zeezout. Bestrooid, bestrooid, hoezo bestroooid? Ik zit hier geen kookboek te schrijven en ook geen cullinair proza, maar je wordt toch onbewust beinvloed in je woordkeus, merk ik.
Er lag een op de huid gebakken stukje vis. Dat vond M niet lekker. Snap ik wel, want er was ook niet zoveel bijzonders aan. Verder een blokje varken en een klompje rund. Geen volledige lappen, maar toch ook niet in een keer weg te knauwen. Ik vond dat prima zo. Er waren listig bedachte sausjes bij: laurier - enigszins bitter met weinig aroma -, serreh - ook enigszins bitter en weinig aroma, inwisselbaar met de laurier, maar dat was ons bij de uitleg ook al verteld, en een lekker sausje dat naar instructie bij de vis gegeten diende te worden, maar dat wij met onze vingers op het laatst gewoon puur uit het schaaltje hebben gelepeld.

Omdat bij ons de stemming als vanouds tot tranen toe omhoog was geschoten, besloten wij nog niet weg te gaan en een toet te doen. Een proeverij van, dus. Inmiddels was de bediening vervangen door een meerkoppig team van vriendelijke jonge dames en had onze kellnerin zich achter de coulissen terug getrokken. Wij, althans laat ik voor mijzelf spreken, aanvaarden daar alle verantwoordelijkheid voor. Zo gezellig was het nu ook weer niet.
Maar de nagerechten bleken uiteindelijk toch het grootste probleem te zijn. Niet alleen was er slechts voor drie gezusters iets opgediend, wij zijn immers met vieren, bij een gevoelstemperatuur van plus 30. Maar de prijs van deze extra proeverij was buitenproportioneel met ruim veertig euro. Hierdoor kwamen, mede door een glas Muscat de Rivesaltes - wij vinden dat een net wat leuker alternatief dan de voorspelbare Beaume de Venise - en nog een mandje bitterballen, de kosten per couvert op ruim zestig euro. Daar kunnen wij, inlevend als wij zijn, ook een volledig diner van organiseren, echt waar!

Daar komt bij dat wij toch de stellige indruk hadden, dat onze klaterende prive-conversatie gevolgd werd door het bedienend personeel. Waar wij het de vorige keer nog over bioscoopbroeken hadden, ging het nu meer over de eigen lijvigheid, dus u begrijpt dat wij ons onderling nergens voor hoeven te generen, maar dat ligt toch anders richting derden. N informeerde daarom terecht fijntjes: "Jullie luisteren toch niet mee?" en het veelzeggende antwoord was, dat men slechts flarden had opgevangen. Foei! Tuurlijk zijn wij aan de overkant van het kanaal nog te volgen, maar dat moet men als gastheer/-vrouw nimmer toegeven.
Rest mij nog om te melden dat wij toch lekker gegeten hebben en hebben genoten van alle rust om ons heen. Dat inspireerde mij tot het toevoegen van een nieuwe divisie aan ons familiebedrijf, u raadt het al: huiswerkbegeleiding. De volgende keer houden we ons wederom niet in, dat beloof ik u!

K1